💦 FULL SET: Search/label/Itali%C%AB - HD Photos!

Posts tonen met het label Italië. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Italië. Alle posts tonen

25 februari 2025

Campi Flegrei (I)

Supervulkaan Campi Flegrei bij het Italiaanse Napels is ook opnieuw aan het beven. Hoogstwaarschijnlijk komt het niet tot een uitbarsting... maar de media blaast alles graag op.

Toen we in maart 2017 in Napels en omgeving Johan zijn verjaardag zijn gaan vieren, zijn we bij, bovenop en in de krater van deze gigantische vulkaan geweest. We gingen onder andere naar Solfatara waar grote geothermische velden (foto) liggen... maar in feite is de hele Baai van Napels één en al vulkanisch gebied. Ook de Vesuvius ligt er. We gingen dat reisje natuurlijk ook naar Pompeï.

23 november 2024

Dag 1: Onderweg

Vrijdagochtend 22 november '24 had het gesneeuwd ook daarna viel en nog sneeuw en natte sneeuw. Normaliter zouden de dakwerkers nogmaals naar ons lekkend dak komen kijken om te bekijken waar precies ze het lek moesten dichten... maar ze kwamen zeggen dat het, met de koude en de sneeuw, niet kon doorgaan. Geen erg! We hadden al dweilen en emmers klaarstaan om ook tijdens ons verlof druppels op te vangen. We spraken af dat ze zo snel mogelijk iets aan het lekkende dak deden, als het weer het zou toelaten zouden ze dat 's anderendaags al doen.

Onze koffers werden nog gemaakt en we gingen nog boodschappen doen voor onze maaltijden onderweg op reis. Rond half 3 vertrokken we vanuit thuis. We reden naar de luchthaven Köln-Bonn. Die ligt op anderhalf uur à twee uur rijden vanuit thuis, afhankelijk van het verkeer. We reden er een uur en drie kwartier over... en waren zo véél te vroeg ter plekke, maar ach...

We parkeerden en gingen de luchthaven in... niet om te gaan vliegen, maar om, nog warm, te wachten tot ons vertrek. Voor ons vertrek met de Flixbus moesten we in het busstation bij de luchthaven zijn. We hadden plaatsjes gereserveerd voor de Flixbus naar Genua van 18:40 uur van aan dit busstation tot in Milaan Lampugnano, om vervolgens over te stappen op de Flixbus naar Aéroport Nice van (zaterdag 23-11) 8:15 uur.

We kregen rond 18u bericht dat onze bus vertraging had. Via een link konden we sowieso nagaan waar de bus reed. We bleven binnen staan tot we een Flixbus aan zagen komen rijden: een weerapp schreef dat, door de wind, er een gevoelstemperatuur van -8 graden was. Om 18:04 uur reed de bus het station binnen. Er moesten blijkbaar best veel mensen diezelfde bus hebben. Nadat iedereen ingecheckt was, zijn ID-gegevens gecontroleerd waren en de bagage op de juiste plaats, om af te stappen, weggestopt was, vertrokken we. Om 19:22 uur reden we het busstation uit.

We hadden de voorste plaatsen op de eerste etage gereserveerd. Dit maakte dat we wat meer ruimte hadden, alhoewel dat voor onze voeten niet zo was. Voor het uitzicht hadden we het niet moeten doen: het was pikdonker en geen straatverlichting onderweg… én dat raam wasemde met momenten volledig aan. Onderweg stopten we op enkele stopplaatsen in Duitsland. Aan de Zwitserse grens werden we tegengehouden voor een ID-controle en kreeg iedereen vragen over waar hij heen ging. Bij diegenen die in Zürich, de enige stopplaats van de bus in Zwitserland, uit zouden stappen, volgden nog veel meer vragen.

Slapen, lukte met verschillende korte dutjes. We hadden in Milaan aan moeten komen om 7:10 uur. Onderweg gaf de app allerlei voorspellingen, maar het bleef bij slechts zeven minuten vertraging. Om 8:15 zou onze volgende bus vertrekken, dus heel lang moesten we niet wachten. In Milaan was het ook koud: net op het vriespunt.

Voor onze rit van Milaan naar Nice hadden we onze plaatsen niet zelf kunnen kiezen, maar toegewezen gekregen. Van helemaal voorin bij de eerste etappe zaten we nu helemaal achterin. Deze bus was ruim op tijd in Milaan, maar vertrok zeven minuten te laat. De bus reed, om welke reden weten we niet, een andere route dan aangeven was. Deze duurde langer. Onze aankomst in Nice was voorspeld voor 13:20 uur. Het werd 13:59 uur, veertig minuten later dus. Aangekomen in Nice airport moesten we van locatie terminal 1 naar terminal 2. Dat kon gratis met de tram... maar na even wachten, besloten we dit stukje te wandelen... we waren gaar van het opgesloten zitten, de zon scheen, dus wandelen, werd het. Even onderweg werd aangegevn dat het nog 12 minuten stappen was... die terminals 1 en 2 liggen dus best ver uit elkaar... en dan moesten we nog naar de kantoren van de autoverhuurmaatschappijen... die hadden ze ook goed weggestopt.

We hadden onze auto weer via SunnyCars.nl geregeld dan ben je zeker dat álles, vollédig verzekerd is. Zij hadden een auto voor ons geregeld bij Europcar. Omdat we in Ierland toch echt wel een te kleine auto voor onze bagage hadden, een Fiat 500 (3d), hadden we nu een categorie groter gevraagd... maar omdat we de auto ophalen in Nice en weer inleveren in Marseille, moet die natuurlijk weer snel teruggeraken met andere huurders... en dan krijg je dus een categorie die heel goed verhuurd... en werd het een Kia Sportage... groot ding! En dan hadden ze Ine, als enige chauffeur, nog gevraagd of ze geen update wilde, een Volvo nogiets... uhh, nee!

Enfin, we waren lang onderweg geweest, meer dan 24 uur, toen we de parkeergarage van Nice airport afreden om boodschappen te gaan doen...

21 oktober 2024

"Sicilië na maandenlange droogte getroffen door zware regenval"

Een jaar geleden waren we op dit moment aan het aftellen naar onze november-decemberreis naar Sicilië... We hadden er toen een mooie en warme vakantie met af en toe een flinke bui. Enkele maanden geleden werd er bericht dat het zo droog was op het eiland... en daarop zijn er afgelopen weekend ferme regenbuien met overstromingen als gevolg geweest... Jezus, zeg! (artikel)


De hevige regenval en overstromingen in Frankrijk, 
ook van de afgelopen dagen, zijn niet in
de regio waar wij over 4,5 weken heen gaan.

29 januari 2024

Siciliaanse boetes?

Ondertussen kunnen we wel met zekerheid zeggen dat we géén snelheids- en/of parkeerboetes hebben gemaakt tijdens onze november- en december-2023-reis op Sicilië... terwijl we écht wel weten dat we ons niet aan de regels hielden: vele snelheidsbeperkingen waren duidelijk al oud, waren belachelijk of zelfs gevaarlijk. En het lukte ook niet steeds om overal te betalen voor de parkeerplaats... Oefff... 

blogbericht

16 december 2023

Over de Siciliaanse wegen

De tien dagen dat we op Sicilië waren, hadden we een Renault Clio als huurwagen via Avis. We reden er in totaal 2.209 km mee.
Rijden op Sicilië was een… ervaring…

De Sicilianen doen hún ding op de openbare weg. Ze rijden helemáál niet defensief, denken enkel aan zichzelf en houden vooral géén rekening met de andere weggebruikers. Het gaat hén er vooral om om zo snel mogelijk ergens te geraken. Ze nemen steeds voorrang, ook al heeft een ander die volgens de Europese wegcode. Op Sicilië gaat het er vooral om om te blijven rijden en te durven. Als je wacht op jouw beurt kom je nergens. Vreemd dat er zo weinig verkeersongevallen zijn!

De wegen zijn er vaak in slechte staat: ze hebben gaten en hobbels. De lijnen op de wegen zijn vaak onduidelijk, regelmatig afwezig… of dubbel, dat ook. Dit is echter voor de Sicilianen geen probleem: die gebruiken rijvakken toch niet zoals dat in de rest van Europa gebeurt.

Op de snelwegen staat heel vaak en voor kilometers lang één rijstrook afgezet voor wegenwerken. Bij deze verkeerssituaties hebben we geen enkele keer ook daadwerkelijk werken gezien. Aan alles zie je ook dat die wegversperring er al héél lang staat. Dit lijken daarom eerder snelheidsbeperkingen om het slechte wegdek niet slechter te maken of om een gevaarlijke situatie te vermijden. Op bruggen zijn ook erg vaak snelheidsbeperkingen, maar mogelijk is dat omdat de brug in slechte staat is. Willen ze hiermee een situatie zoals in Genua vermijden?

We zagen op onze laatste dag, toen we terug naar de luchthaven reden, wel wegenwerken, maar die werden anders aangegeven als die vele aangekondigde wegenwerken die er niet waren. Snoeiwerken in de berm en in het midden van de snelweg zagen we wel vaak. Daarvoor werd ook één rijvak tijdelijk afgesloten... maar dat moet er echt wel, anders worden die arbeiders gewoon van de weg gereden, vermoeden we.

Wij zijn , normaal gezien, erg voor het volgen van de snelheidsborden. Op Sicilië heeft Ine dit welgeteld anderhalve dag gedaan... en dit, die anderhalve dag, tot grote frustratie van de Sicilianen. Ine besloot het op een gegeven moment niet meer te doen: de aangegeven snelheden waren zinloos omdat gewoonweg niet duidelijk was waarom ze golden. En in vele situaties was het gewoonweg ook gevaarlijk om ze te volgen omdat je zo riskeerde dat je ineens een snelheidsduivel in je koffer had.
Voor Fiat Panda's en andere soortgelijke kleine automodellen moest je misschien nog beter opletten dan voor de snelheidsduivels: zij reden, alsof het afgesproken was, op snelwegen steeds 70/uur, terwijl 130 km/uur wettelijk bepaald het maximum is. En er vaak harder gereden werd. 70 km/uur rijden, is dus gevaarlijk traag!

We hebben een aantal keer een file meegemaakt... dat is moeilijk voor de Sicilianen. Geduld lijkt geen competentie van de Sicilianen te zijn. Als je afstand hield uit veiligheid, liet je, in de beleving van de Siciliaan, een gaatje waar zij zich nog snel in konden wurmen.

Als er tijdens die file geen duidelijk wegmarkering meer was, stonden ze al snel met zoveel mogelijk auto's over de breedte van de weg... zo bizar dat het hilarisch werd!

Een reddingsstrook vormen bij file, een Europese verplichting, is totaal onbekend op Sicilië. Bij de file waar we in stonden vanwege een ongeval met een vrachtwagen moest op een gegeven moment een ambulance en een sleeptruck door... die moest over de pechstrook... en die pechstrook was overal maar een halve rijstrook breed... het duurde enorm lang vooraleer die voertuigen doorgang kregen. Óók in die situatie dacht de Siciliaan dus eerst aan zichzelf in plaats van aan diegene die dat ongeval had: omdat de weg gewoonweg te smal was om een auto en twee vrachtwagens naast elkaar te laten rijden, moesten de vrachtwagens naar het andere rijvak om die sleeptruck door te kunnen laten. Maar omdat er zo ruimte tussen auto's moest gemaakt worden, waren er verschillende bestuurders die er snel van profiteerden om zo wat vooruit te geraken. Áchter die ambulance en sleeptruck reden natuurlijk ook enkele anderen aan om snel wat vooruit te geraken... Echt een bizarre situatie was dat! Je zal maar een ambulance nodig hebben!

Wat we de Sicilianen wel moeten aangeven is, dat ze beter "ritsen" dan in België. Daar waar het in België misloopt omdat iedereen al veel te snel op het juiste rijvak gaat staan, reden die Sicilianen, natuurlijk, door tot ze aan de wegafsluiting kwamen.

Inparkeren doen Sicilinen meestal 'voorwaarts', terwijl wij achterwaarts inparkeren. Ze kunnen dat echt erg vlot! Knap! Achterwaarts inparkeren, leken zelfs velen niet te snappen: als je dit wilde doen, reden ze regelmatig gewoon helemaal tot achter je auto aan, alsof ze het achteruitzicht niet opmerkten.

Als er tussen twee auto's geen ruimte genoeg was om volledig in te parkeren, parkeerden ze toch: schuin er tussenin, of dwars kon ook. Of er dan nog plaats op de weg over was om langs te rijden, leek hun bezorgdheid niet, zíj́ waren waar ze moesten zijn!? Hetzelfde geldt natuurlijk voor dubbelparkeren.

In Zweden hadden we de parkeerapp "Easy Park" veel kunnen gebruiken. Die is heel gemakkelijk. Op Sicilië konden we die ook vaak gebruiken. De app en website lagen wel nogal eens uit. Als we dan op zoek gingen naar een betaalautomaat gebeurde het al eens dat we er geen enkele in de buurt vonden... en dus dan maar niet betaalden.

Vooralsnog hebben we (nog?) geen snelheids- of parkeerboetes ontvangen via Avis. We hopen die natuurlijk niet te krijgen... maar eigenlijk zou het best kunnen... en dan kan het alsnog een dure reis worden...

En hiermee zijn alle verhalen over onze reis naar Sicilië van 25 november tot 4 december 2023 verteld.

14 december 2023

Dag 10 van 10 van de reis naar Sicilië (04-12-'23)

Om 7:45 uur reden we de oprit van onze verblijfplaats in Carini af... en dit na uitgebreid afgescheid genomen te hebben van Oscar, de hond des huizes... en deze had ondertussen geleerd om fijn te gaan zitten bij ons... maar helaas was dat gespring van hem er nog niet uitgeraakt. Na even flink te gaan zitten, sprong hij toch nog steeds tegen je op... 

Onze terugvlucht vertrok opnieuw vanuit de luchthaven van Catania. De kortste route, door het binnenland van Sicilië, van ons appartement tot aan de luchthaven was 235 km. Zonder oponthoud rij je daar 2 uur 40 minuten over. We wilden echter toch ruim de tijd nemen om die route af te leggen: We moesten immers door het drukke Palermo, er zouden sowieso wegenwerken zijn én Ine moest bij een dergelijke afstand sowieso tussendoor even moeten stoppen.

In Palermo was het inderdaad erg druk, maar omdat Ine ditmaal wist op welk rijvaak ze moest blijven, verliep onze doortocht ditmaal wat minder chaotisch als enkele dagen voordien op weg naar Carini.

De snelweg door het binnenland, waar we nog niet overreden, bleek best rustig, maar had inderdaad verschillende plekken met wegenwerken... waar ze effectief aan het werken waren!

De natuur langs de snelweg was erg mooi, mooier als in de kustregio waar we toch voornamelijk geweest zijn tijdens onze reis. Als we terug naar Sicilië gaan moeten we er zeker gaan wandelen!

De Etna lag er die dag ook nog bijna-wolkenvrij bij. We kregen'm kilometers lang nog te zien. 

We leverden onze huurauto zonder extra schrammetje in en wandelden naar de terminal. We moesten nog bijna een uurtje wachten tot we konden inchecken. Dit was een ideaal moment om nog een koffie en Siciliaans lekkers te nemen.

In Catania vertrokken we met een dik half uur vertraging. Bij het vertrek konden we de Etna nog een hele tijd blijven zien liggen. Boven de Eolische eilanden hingen dikke wolken, dus Stromboli zagen we ook bij de terugvlucht niet liggen. Bij het landen in Milaan Linate was de vertraging gehalveerd, maar we hadden voldoende tijd om over te stappen op onze volgende vlucht.

In Milaan slaagden we er ditmaal wel in om gewoon binnen de juiste hal te blijven. We begrijpen nog steeds niet wat er bij aankomst verkeerd ging...

Ook in Milaan vertrokken we met een serieuze vertraging, maar ook nu waren we 'slechts' een kwartier te laat op onze bestemming, in Brussel-Zaventem

In België had het de dag voordien nog gesneeuwd en gevroren. Alle sneeuw was echter al weg. Het was wel nog maar 4°... toch een verschil met Sicilië.

... en inderdaad, we aten frietjes na aankomst ;oD

13 december 2023

Palermo (9/10)

We hadden vooral omwille van de weersvoorspellingen gewacht om pas op onze laatste vakantiedag naar Palermo, de hoofdstad van Sicilië, te gaan. Deze waren immers het slechtst voor zondag 3 december '23 - het zou maar 17° worden en deze dag was er het meeste kans op regen - en dat soort weer is minder erg als je in een grote stad bent dan bijvoorbeeld aan het wandelen.

Vlak voordat we naar Palermo reden, viel er een serieuze regenbui in Carini, op een dik half uur rijden van de hoofdstad. Ook in Palermo waren de straten nog nat toen we daar aankwamen... en die oude voetpaden van natuursteen waren glad... Regen viel er de rest van de dag niet meer en op de middag was het zelfs best warm.

Een andere reden waarom zondag een goede dag was om naar de hoofdstad te gaan, was het feit dat het dan mogelijk rustiger was dan op andere dagen... of dat zo was, weten we natuurlijk niet, maar het was er 'gewoon' druk.

We wisten dat je in de buurt van de haven gratis kon parkeren. Dit maakte dat we aan stadspoort "Porta Felice Pilone Sud" Palermo binnenstapte (foto 1).

Onze eerste bestemming was weer het toeristisch infokantoor. We haalden een stadsplannetje op en gingen bij een koffie en een lekker gebakje een route uittekenen... maar dat plannetje was niet zo'n succes: alle bezienswaardigheden stonden genummerd maar alles stond door elkaar, er waren cijfers die dubbel gebruikt werden en eigenlijk was niet duidelijk wat waar lag... Eigenlijk hadden we, op één na, geen plaatsen die we persé wilden zien. We tekenden daarom een route langs wegen waar de meeste bezienswaardigheden op het kaartje stonden... we zouden onderweg wel zien wat ze waren.



Onze stadswandeling bracht ons al heel snel bij "Quattro Canto", een kruispunt waarbij de 'hoeken' van de straat kunstige gevels hebben (foto's 2 & 3). De gevels van de vier paleizen zijn gebogen en versierd met klassieke zuilen en standbeelden. In de sokkels bevinden zich fonteinen die de vier seizoenen symboliseren. In het middenstuk staan in de centrale nissen standbeelden van vier Spaanse koningen. De standbeelden in het bovenste gedeelte van de gevel stellen de vier beschermheiligen van de wijken voor. De fonteinen en standbeelden worden omringd door zuilen die van onderen naar boven van respectievelijk de Dorische, Ionische en de Korinthische orde zijn. Het plein heet officieel Piazza Vigliena. Het plein wordt het mooiste plein van de stad genoemd. Het is ook wel indrukwekkend, maar smaken verschillen.


Na het passeren van oude paleizen, belangrijke gebouwen en kerken in de smalle straatjes kwamen we bij de kathedraal, de "Cattedrale della Santa Vergine Maria Assunta" (foto 4). Deze kathedraal wordt gekenmerkt door de vele bouwstijlen ten gevolge van een lange geschiedenis van uitbreidingen, wijzigingen en restauraties, tussen 1179 en de negentiende eeuw.
Op de plaats van het huidige gebouw werd al in de zesde eeuw een kathedraal opgericht. De Arabieren maakten, na hun verovering van Sicilië, van de kathedraal een moskee. Na de herverovering van het eiland van de Arabieren werd de moskee wederom de zetel van het aartsbisdom Palermo.
Alle bijbehorende gebouwen en de kathedraal op één foto krijgen, ging enkel door een panorama te maken: vandaar dat het gebouw op onze foto wat 'bol staat'. Het is een prachtig gebouw met inderdaad verschillende stijlen. Het zal voor de gelovige Sicilianen, zeker vroeger, een grote, oppermachtige indruk gemaakt hebben... en als dat niet al zo was, staat er ook een groot beeld van een 'kerel' die waarschuwend met zijn vingertje lijkt te staan kijven...

Vervolgens kwamen we in een wijk terecht waar veel graffiti was aangebracht. Zoals steeds trok dat onze aandacht. Er zaten pareltjes bij!

Via een hoofdstraat kwamen we bij Teatro Massimo Vittorio Emanuele (foto 5), het operagebouw, terecht. Dit was weer een totaal anders gebouw dan de andere die we al zagen. Het gebouw werd gebouwd in neoclassicistische stijl met elementen die ook in de Griekse tempels van Selinunte en Agrigento te zien zijn. De gehoorzaal biedt in zijn huidige vorm plaats aan 1350 toeschouwers.

Bij de Piazza & Chiesa di San Domenico zijn we twee keer geweest: eerst op zoek naar het infokantoor en nadien tijdens onze stadswandeling. Op deze locatie staat er al sinds de middeleeuwen een kerk van de dominicanen/Orde der Predikheren. Deze kerk, in barokstijl, dateert uit de 17e-18e eeuw. Bijzonder aan het plein waren wel de palmbomen, maar zéker ook de exuberante kerstverlichting. We zagen het plein niet in het donker, maar dat moet schreeuwlelijk zijn!

Nadien kwamen we in "la Cala" of de "Porto Palermo" terecht en gingen we lunchen. Nadien wandelden we door meer smalle straatjes met balkonnetjes... en ja, die hadden regelmatig dennenappels op de hoeken van het hekwerk. Onze stadswandeling bracht ons ook in een verpauperde wijk/buurt. Bijna alles was er onderkomen, maar dat is niet vreemd op Sicilië en ook niet in de hoofdstad. In deze buurt lagen overal grote hopen met grof vuil: zetels, matrassen, kleding, huisvuil... en met daar vele mensen tussen, zoekend naar iets bruikbaars voordat de vuilkar alles meenam.
Wat we daar ook meer dan eens zagen, was historisch erfgoed dat nog deels intact was, maar ook was er rondom gemetseld en gebouwd... dus niet 'netjes' gerenoveerd.

Uiteindelijk waren we dan bijna rond. De kerk die we vanbinnen wilden zien, de Chiesa di Santa Maria dell'Ammiraglio, was spijtig genoeg gesloten op zondag. Deze zou erg mooi zijn. Naast die Chiesa di Santa Maria dell'Ammiraglio ligt de Chiesa di San Cataldo. Wat hier 'apart' aan was, waren de drie felgekleurde koepels met vensters in Arabische stijl op het dak.

We eindigden bij "Piazza Pretoria" met z'n paleis en fontein (foto ). Het 16e eeuwse plein wordt ook het "Piazza della Vergogna" genoemd, het "Plein van de Schande". En dit vanwege de vele naakte beelden van de fontein.

Na een koffietje en nog wat geslenter door de drukke hoofdstraat Via Vittorio Emanuele kozen we één van de véle restaurantjes uit om (vrij vroeg) te gaan avondeten.
En terug op ons appartement werden de koffers gemaakt...

12 december 2023

Typisch Siciliaans

"Teste di Moro" (Moorse hoofden) 
Over heel Sicilië zie je, in toeristische winkeltjes maar ook in de exclusievere winkels, bloempotten in de vorm van een mannen- en vrouwenhoofd (voorbeelden). 
Dit komt voort uit volgende legende: 
"Er was eens een jonge Siciliaanse die alle dagen thuis doorbracht en altijd in de weer was met haar planten op het balkon. Op een dag liep een Moorse man – zoals de islamitische bevolking van Sicilië genoemd werd – langs haar huis. Hij was op slag verliefd toen hij haar zag. De verliefdheid was wederzijds, maar al snel kwam de jonge vrouw erachter dat haar nieuwe geliefde binnenkort terug naar het Oosten moest, waar zijn echtgenote en kinderen op hem wachtten. De Siciliaanse kon niet verdragen dat ze haar geliefde kwijt zou raken, wachtte tot het nacht was en vermoordde hem in zijn slaap. Zijn hoofd gebruikte ze als pot voor een basilicumplant op haar balkon; zo had ze hem voor altijd bij zich. Haar tranen deden de basilicum groeien. Zó goed dat alle buren haar voorbeeld wilden volgen en ook zo’n plantenpot lieten maken. Maar dan van keramiek.

"Trinacrie of Triskelion" 
Op de vlag van Sicilië maar ook als wandversiering zie je in het Siciliaanse straatbeeld heel vaak het beeld van een driebenig figuur terugkeren. 
De betekenis hiervan is deze: 
Een triskelion is een symbool bestaande uit 3 gebogen mensenbenen, drie verbonden spiralen of elk symbool met driemaal rotatiesymmetrie. Het is het symbool van (onder andere) Sicilië. De vorm heet trinacrie, naar Trinacrium (de Romeinse naam voor Sicilië), waarmee de driehoekige vorm van het eiland weergegeven werd. Men legt de betekenis als volgt uit: hoe de figuur ook gedraaid wordt, zij zal nooit knielen. De triskelion staat aldus voor onverzettelijkheid en vrijheidszin. 
De Siciliaanse triskelions geven drie rennende benen weer, gebogen bij de knie, samenkomend bij het kruis en met drie korenaren. De korenaren (of een andere plant) symboliseren de vruchtbaarheid van het eiland. In het midden van de figuur zie je de 'Gorgo', een baardig mannenhoofd, een zon of een vrouwenhoofd afgebeeld, omringd door slangen met aan weerszijden vleugels. Er wordt ook gezegd dat het vrouwenhoofd Medusa is, een godin van de onderwereld.

"Pigna Siciliane"
 (Siciliaanse dennenappels)
En dan waren er ook nog de "dennenappels" die overal stonden, maar voornamelijk op de hoeken van de balkonrails.
"de dennenappels zijn een symbool van vruchtbaarheid, welvaart en overvloed. De dennenappel is altijd een synoniem geweest van goede wensen die de symbolische betekenis van levenskracht, onsterfelijkheid en goddelijkheid belichaamt. Verondersteld als een symbool van de berg, de verblijfplaats van de goden, vertegenwoordigde het al in verre tijden in de Middellandse Zee goddelijkheid en werd het na verloop van tijd een embleem van speculatieve en filosofische verheffing. Vanwege de overvloed aan zaden was het een duidelijke herinnering aan vruchtbaarheid en levensgenererende kracht. Maar de dennenappel is ook een symbool van de vruchtbaarheid van de geest die ideeën van vernieuwing en groei voortbrengt, aangezien zijn eivormige vorm wordt geassocieerd met de pijnappelklier van het menselijk brein. Het werd ook vaak geassocieerd met het kosmische ei, met nul en dus met de geboorte en schepping van de mensheid. Vrucht van de dennenboom, een groenblijvende dennenappel, neemt ook de betekenis aan van een lang leven en eeuwigheid, waardoor balkons worden verrijkt en vaak op de pilaren van de toegangspoorten van oude adellijke villa's en tuinen wordt gekroond".
En nu met de kerst zijn er speciale dennenappels te koop: gouden en zilveren...

en neen, we brachten geen van alle mee naar huis...

11 december 2023

Dag 8 : naar het zuiden

Op zaterdag 2 december 2023 reden we naar het zuidwesten van Sicilië. Zoals je op de foto's ziet, is het zwaar bewolkt deze dag. De temperatuur is meestal wel aangenaam, zo'n 20°, maar als er een zeebriesje opsteekt, is het vanaf 's middags wat frisser, maar klam. Het weer is wel ideaal om te wandelen...

...en wandelen is wat we op onze eerste bestemming van die dag moesten doen om alles gezien te krijgen! We bezochten namelijk het "Parco Archeologico di Selinunte".

Selinunte is de Italiaanse naam voor de Oudgriekse stad Selinous. De stad werd rond 650 of 630 voor Christus gesticht en groeide uit tot een grote en belangrijke stad. Ze was regelmatig betrokken bij conflicten. De stad werd in 409 v. Chr. door de Carthagers verwoest. Een deel van de 25.000 inwoners werd toen als slaaf verkocht. Kort daarop werden de stadsmuren herbouwd, maar de grootse rol van Selinous was uitgespeeld. Nadat het in 250 opnieuw door de Carthagers was aangevallen, bleef het als een onbeduidende plaats voortbestaan.

Het Archeologisch Park van Selinunte bestaat uit drie verspreid liggende archeologische gebieden: de Oostheuvel, de Akropolis en het Heiligdom van Demeter Malophoros. Op de Westheuvel liggen enkel een huis en een toren. Dit hoort niet tot de archeologische sites.

Er werd ons aan de kassa gezegd dat het circuit dat wij wilden doen, de drie archeologische gebieden, 10 km wandelen was. We kregen de optie om met een golfwagentje mee te rijden... uhhh neen, dank je!

Al meteen bij het binnenstappen van het Parco Archeologico di Selinunte (info), op de Oostheuvel, valt de (deels herbouwde) "Tempel E" meteen op (foto 1). Deze tempel is van ± 460 v.Chr. Mogelijk is deze tempel gewijd aan de godin Hera, de echtgenote en de zus van de oppergod Zeus.

Achter Tempel E liggen tempels F en G... en dat is letterlijk: de tempels liggen verspreid over de plaats waar ze gestaan hebben. Door er tussendoor te lopen, zag je hoe groot de verschillende onderdelen van de tempels waren.

Tempel F (foto 2) was het kleinste, maar de oudste van de drie. Mogelijk was deze tempel gewijd aan Athena.

Op een informatiebord lazen we dat Tempel G (foto 3), waarschijnlijk ter ere van Zeus, zelfs enkele verdiepingen had! De tempel zou 5.000 m2 groot zijn geweest, tenminste als hij afgeraakt zou zijn. Dat was waarschijnlijk niet zo. Aan verschillende resten, hebben archeologen gezien dat deze nog niet afgewerkt zijn.


De opgravingen in het park hebben zes grote Dorische tempels aan het licht gebracht. Deze dateren van de 7e tot de 5e eeuw v.Chr. Ze worden aangeduid met letters omdat men slechts vermoedens heeft van voor welke godheid ze opgericht werden. Verschillende wanden en gevonden voorwerpen staan in musea.

Nadat we de tempelresten van de Oostheuvel bekeken hadden, wandelden we naar de heuvel met de Acropolis. Tussen de twee heuvels liggen nu kleine stroompjes die even verder in zee uitmonden. Er wordt er gewaarschuwd voor overstromingen, wat overdreven leek. In de tijd dat Selinous groot was, waren hier echter twee havens.

Acropolis betekent in het Grieks het hoogste punt van de stad (= polis) en is de naam die aan de stadsburcht gegeven werd. Op deze heuvel/in deze burcht woonden de tienduizenden inwoners (80.000 op een gegeven moment), werd handel gedreven, cultuur beleefd en stonden ook enkele tempels.

In 1925 werden enkele zuilen van Tempel C terug rechtop gezet (foto 4). Men denkt dat dit een tempel ter ere van Apollo of Herakles was. Er werden ook verschillende muurtjes blootgelegd/rechtgezet om verschillende gebouwen, met hun vertrekken, in de stad te laten zien. Interessant!

Voor het Heiligdom van Demeter Malophoros moesten we de heuvel van de Acropolis af en weer een nieuwe op. We passeerden hierbij een stukje van het natuurreservaat van de Belicemonding. Het heiligdom was volledig ommuurd en was gewijd aan de vruchtbaarheidsgodin Demeter Malophoros.

Dwars door het heiligdom liep ook een nog duidelijk zichtbaar kanaaltje langswaar water werd aangevoerd vanuit een verderop gelegen bron (foto 5). Het stroomt langs het platform waar de tempel van Demeter verrees. Vermoed wordt dat in het heiligdom, naast offers aan Demeter, ook rituelen werden uitgevoerd voorafgaand aan de begrafenis van gestorven bewoners in de necropolis nog verder buiten de stad.

In de onmiddellijke buurt van het heiligdom werden later nog enkele kleinere tempels gebouwd. Van één ervan, vermoedelijk gewijd aan Hera, is de structuur nog goed herkenbaar. Van twee andere tempels, waarvan één was gewijd aan Zeus en een andere aan Hekate, zijn enkel nog de funderingen te zien.

Als laatste, op de terugweg, liepen we nog langs een gedeelte van de dubbele oude stadsmuren van de Acropolis: wat een constructie!

Terug op de parkeerplaats gaf Johan zijn gsm aan dat hij 7 km gestapt had: de 10 km die de medewerker benoemde bij onze start van het bezoek was dus wat overdreven.




Vervolgens reden we naar het stadje Sciacca. Het stadje is bekend om zijn keramiek en is een kuuroord. Het badhuis zag er niet echt nog in gebruik uit. Het hele stadje is echt onderkomen... maar mogelijk maakte de dikke bewolking het er allemaal ook niet mooier op. We aten er 's middags wel lekker en we vonden, met behulp van Google Maps, de twee openbare trappen met keramiek die op iedere foto van de stad verschijnen (foto 6 & 7).

In Mazara del Vallo sloten we onze achtste vakantiedag af. Dit havenstadje staat vol verrassende historische gebouwen in allerlei stijlen en overal zijn er keramieken kunstwerkjes aangebracht, zéker in de smalle straatjes zodat je er als voetganger ongestoord (op de vele passerende brommers na) naar kan kijken (foto 8): mooi! En lekker... voor vertrek at Ine er nog een overheerlijke toren "Profiteroles pistacchio"!

Érice - Trapani - Salinas (7/10)

De avond voordien hadden we besproken wat we vanuit ons appartement in Carini gingen bezoeken/doen de dagen nadien. Aangezien de weersvoorspellingen voor vrijdag 1 december 2023 warm maar erg winderig waren, hadden we besloten om naar het noordwesten van Sicilië te gaan en enkele plaatsjes te bezoeken tijdens een autorondrit. Een vriend tipte ons net op tijd om naar Érice te gaan. We besloten daar de eerste stopplaats van onze rondrit van te maken. 

Érice lag op een klein anderhalf uur rijden van ons appartement. Het ligt tegen en op een steile helling, op een hoogte van 750 meter. In het hoogseizoen is het stadje bereikbaar via een kabelbaan. Wij reden met onze huurwagen naar boven. 



Sinds de middeleeuwen is er in Érice weinig veranderd. De kleine smalle straatjes met geometrische vakken met kleine steentjes en de grijze en roze stenen huisjes domineren het stadsbeeld... en vormen een waar labyrint. We kregen een goed beeld van het stadje maar hebben waarschijnlijk ook vele mooie plekjes gemist. Overal in het plaatsje vind je namelijk prachtige oude monumenten: het kasteel (foto 4), de burcht (foto 4), de oude stadsmuren, de vele villa's ("Palazzo", foto 2) en de vele oude kerken (foto 1), een 60-tal! Érice was dan ooit ook een bedevaartsoord. 



Vóór de middeleeuwen bestond het stadje ook al. Hier is echter alles van verloren gegaan waardoor die hele geschiedenis een raadsel is en blijft. 

Na ons bezoek aan Érice reden we weer de berg af en kwamen zo in Trapani terecht. Na een fontein en een park wandelden we naar de belangrijkste straat van de stad: de Corso Vittorio Emanuele (foto 6). Deze is autovrij en is de mooiste straat van Trapani. Enkele van de belangrijkste bezienswaardigheden van de stad zijn te vinden in deze straat. De kerken en paleizen volgen elkaar op. Zoveel pracht en praal is haast schandalig te noemen... Naast al deze bezienswaardigheden zijn er in de Corso V. Emanuel winkeltjes, restaurants en bars te vinden... we waren echter daar in het niet-toeristische seizoen en tijdens de siësta waardoor bijna alles gesloten en de straat, en de rest van het oude stadscentrum, bijna uitgestorven was. 



In dit filmpje, gemaakt in de zomer, kan je de imposante gebouwen in de Corso Vittorio Emanuele (en de zijstraat Via Torrearca) goed zien. De makers van het filmpje liepen de Corso V. Emanuele in de tegenovergestelde richting als dat wij deden.

Vele gebouwen in Trapani zijn nog relatief nieuw: de stad werd zo goed als platgebombardeerd in WO II. De gebouwen werden nadien heropgebouwd. 

Na een zoete lunch in Trapani stapten we terug de auto in om naar een andere bezienswaardigheid van de regio te rijden: de salinas. Tussen Trapani en Marsala bevinden zich kilometerslange zoutvlaktes. 

Al in de middeleeuwen had men gemerkt dat dit uitgestrekte lagunegebied zich uitstekend leende voor het winnen van zout uit zeewater. Die eeuwenoude traditie wordt vandaag verdergezet door enkele (familie)bedrijven. Net onder Trapani liggen de zoutpannen van Nubia. Deze bezochten wij. Ze maken deel uit van een door het WWF beheerd natuurreservaat. 

Dergelijke zoutpannes vormen een link met verschillende van onze andere reizen. We zagen ze al op verschillende plaatsen. 

We hebben ons ditmaal ook wat verder verdiept in de verwerking van zeewater tot zeezout: 

Er zijn in totaal vier soorten bassins: De eerste soort, vasca fridda (het koude bassin) genaamd, is met 120 cm de diepste van de vier. Deze bassins worden tweemaal per dag vanuit de zee gevoed met vers en dus koud zeewater. Het zoutgehalte hier is laag waardoor de fridda ook gebruikt wordt voor het kweken van vissoorten zoals zeebrasem en paling. 

Vanuit deze reserve wordt het water verder overgepompt naar een volgende reeks bassins. Dit oppompen wordt door de aanwezige molen gedaan. De molens hadden echter een dubbele functie: Ze werden na de zoutoogst ook gebruikt om grove zoutkristallen te vermalen tot kleinere korrels. 

De tweede soort bassin heet vaso cultivo. Deze bassins zijn 60 cm diep. Het zoutgehalte hier is al hoger en in het water ontwikkelen zich algen die het water een groene schijn geven. 

Van hieruit wordt het water verder overgepompt naar nog lagere bassins, vasche caure genaamd. Kleine rode kreeftjes (Arthemia Salina) die tegen de inmiddels hoge zoutconcentratie bestand zijn, breken de algen af en zetten ze om in micro-organismen die het water een rozige schijn geven. Deze bassins zijn zeer geliefd bij flamingo’s. De kreeftjes zorgen voor de rozerode kleur van de flamingo’s. 

In de laatste en laagste bassins, de vasche salanti, gebeurt ten slotte de transformatie van zeewater in zout. Door de verdamping van de olie-achtige zoutbrij die het zeewater inmiddels geworden is, blijft een harde, glinsterend witte zoutkorst achter van zo’n 15 cm dikte. 

In augustus is het zout rijp om "geoogst" te worden. Als dit op de traditionele wijze gedaan wordt, gebeurt dit met het pikhouweel in de hand. Het zout wordt eerst nog een tijdlang in kleine stapeltjes gelegd om verder uit te drogen. Daarna wordt het in grotere hopen gestapeld en zorgvuldig met dakpannen in terracotta bedekt. Zo wordt het beschermd tegen de regen terwijl de wind onder de dakpannen het zout verder laat drogen. In februari is het zout klaar om verwerkt, verpakt en verkocht te worden. 

Het manueel gewonnen zout is gezonder omdat het langzaam en natuurlijk wordt gedroogd (en niet in verwarmde droogkamers) en omdat het niet gespoeld moet worden en daarna opnieuw geïoniseerd om de weggespoelde natuurlijke mineralen te vervangen door industriële.

Maar neen, we hebben geen zout gekocht: we gebruiken dat (haast) nooit.

10 december 2023

Santa Teresa di Riva - Cefalù - Carini

Op donderdag 30 november, onze zesde dag op Sicilië, was het verhuisdag: We verlieten "Da Nonno Antonio" in Santa Teresa di Riva en verhuisden naar "Magagiù" in Carini. Deze twee appartementen liggen 288 km en zo'n 3,5 uur rijden van elkaar. Voor Ine te lang om in één keer te rijden. 

Na 200 km rijden, maakten we een tussenstop in het kuststadje Cefalù. Dit stadje is blijkbaar een van de mooiste van Sicilië en is geliefd bij toeristen uit buiten- en binnenland. Het historische centrum staat op de Werelderfgoedlijst van Unesco en ademt nog altijd een middeleeuwse sfeer uit. 

We wandelden eerst naar de zee. Het zandstrand was, zoals beloofd in de reisgids, mooi. Er waren enkele zonnebaders want het was warm, 23°C... maar ons zegt een zandstrand weinig, eigenlijk. Na het "bezoek" aan de zeedijk liepen we terug het stadscentrum, dat tegen een helling gebouwd is, in. 

Op het Piazza del Duomo dronken we eerst koffie en Ine at eens tiramisu in het land vanwaar het komt. We bepaalden er ook de route die we gingen afleggen in het stadje. 
Op dat Piazza del Duomo lag, zoals de naam ook zegt, de dom, de duomo di Cefalù (foto 1). Daar startten we dan ook onze stadswandeling. Met de bouw van deze kerk begon men in 1131, maar de façade werd pas in de vijftiende eeuw voltooid. Vandaar dat de kerk zoveel verschillende stijlen laat zien. Er werden Arabische, Normandische en Byzanthijnse kenmerken gecombineerd. Aan beide zijden staat een opvallende klokkentoren. De binnenkant van de kathedraal is deel sober, deels rijk versierd. Het rijk versierde gedeelte, bij het altaar, heeft prachtige Byzantijnse mozaïeken en plafondschilderingen... maar dat gedeelte stond volledig in stellingen, dus daar zagen we niks van... 

We kuierden rond door de vele smalle straatjes met balkonnetjes, met planten- en bloembakken... en helaas ook veel auto's en scooters. Opeens werden we aangetrokken door lavastenen traptreden naar beneden toe. We kwamen zo in het bad-washuis terecht (foto 2). De vloer is hier door het vele gebruik helemaal glad gesleten. Er zijn een aantal, vrij kleine bassins die zich vullen met water dat uit 22 ijzeren monden in de muren stroomt. Vijftien hiervan hebben de vorm van de kop van een leeuw. Dat hebben we niet kunnen zien omdat alles onder water stond. In deze bassins wasten de bewoners van Cefalù hun kleding (of lieten deze wassen). De ligging, de moorse bogen, de verschillende hoekes en kantjes en de roze kleur maakten dit erg mooi. 

Alvorens verder te rijden naar ons nieuwe appartement aten we nog op de Piazza del Duomo. Johan koost een risotto met zeevruchten; Ine een pasta met truffelsaus. 
In onze reisgidsen hadden we gelezen over "La Rocca" waar Cefalù zijn naam aan dankt. Het Griekse kefalé of cephas, dat letterlijk ‘hoofd’ of ‘hoed’ betekent, is een verwijzing naar de bijzonder gevormde rots boven het stadje. We liepen, voordat we terug naar de auto gingen, toch even wat rond om dit in die rots te zien. Een hoed zien we er niet in. We menen wel een hoofd te zien aan de bovenkant van de rots... 

Nadat we Cefalù uitreden, was het nog zo'n uurtje rijden tot aan ons appartement. We passeerden hierbij Palermo. Wat we niet verwacht hadden, was dat de autostrade door de stad gaat en even onderdeel wordt van de drukke straten van het stadscentrum. Maar aangezien we ondertussen ogen en oren op alle plaatsen ontwikkeld hadden, kwamen we daar zonder blutsen door. 

We wilden nog iets gaan drinken in het centrum van Carini omdat we vroeger dan afgesproken aan het appartement zouden zijn. Dit werd echter geen succes: de zaakjes die open waren, dat waren er maar weinig, zaten stampvol en zagen er alles behalve gezellig uit. We besloten dan maar iets te vroeg naar ons appartement te rijden. Daar werden we enthousiast en vriendelijk ontvangen door moeder en dochter die boven het appartement wonen. We moesten wel communiceren via Google Translate aangezien het Engels van de eigenares, thans niet zo oud, erg slecht was. 
We leerden ook Oscar, een bordercollie van 10 maanden, kennen... deze was bijzonder "enthousiast"... we besloten dat we hem de dagen dat we daar zouden zijn dat gespring af zouden leren... 
Ons appartement was overigens weer top! ...op de kerstversiering na...

08 december 2023

Sortino (Dag 5 van 10)

Opnieuw kozen we ervoor om, vanwege het weer, richting het zuiden te rijden. We gingen 29 november '23 geen stadsbezoek brengen, maar gingen nogmaals wandelen.

We reden naar Sortino, naar de 'Valle dell'Anapo', de vallei van rivier Anapo. Op die plaats vormt de rivier een canyon en bevindt zich het traject van de voormalige spoorlijn tussen Siracusa en Ragusa. De sporen van dit smalspoortraject zijn weg en zo bleven fijne brede wandelpaden over. 

In ons wandelgidsje stond ook een wandeling in die omgeving uitgestippeld. Deze wandeling maakten we niet, maar we maakten wel een vergelijkbare, maar minder zware, tocht van 4 uur (11 km). We kregen deels licht bewolkt weer en zo'n 18°C: ideaal wandelweer! Gezien de "uitdagende" ondergrond en steile hellingen moesten we ons registreren bij ons vertrek (en bij terugkomst). 



Nadat we door enkele onverlichte tunnels moesten lopen, zagen we al snel na vertrek een eerste groot aantal rotsgraven uitgehouwen in de flanken van het Hibleïsche gebergte boven ons. Omdat men een brug in het oude spoortraject aan het renoveren was, moesten we een gedeelte van de wandeling op de oever/het momenteel droogstaande gedeelte van de Anapo stappen. Het was zeker niet gemakkelijk wandelen over de ronde, losliggende keien, maar was wel een fijne afwisseling van de vlakke spoorwegbedding. 

Terug op het vlakke pad passeerden we een grot waarheen enkele trapjes liepen. Natuurlijk moesten we even gaan neuzen wat daarbinnen te zien was. De grot bestond uit enkele gedeeltes. Of dit ooit een graf, woning of opslagplaats was, weten we niet, maar we vonden het wel interessant. 



We volgden vervolgens het oneffen pad naar "Necropolis Filiporto". Doordat verderop het pad duidelijke bewegwijzering ontbrak, moesten we een stukje heen en weer stappen vooraleer we weer in de juiste richting wandelden. 
Necropolis Filiporto is onderdeel van de rotsgraven van Pantalica. Deze rotsgraven zijn verdeeld over een viertal dodensteden/necropolissen. Filiporto is het gemakkelijkst bereikbaar. De rotsnecropolis van Pantalica staat sinds 2005 op de Werelderfgoedlijst van de UNESCO. De duizenden rotsgraven op deze locatie stammen uit de 12e tot de 8e eeuw voor Chr. Het gedeelte dat wij bezochten, Filiporto, zou uit zo'n 500 graven bestaan. Ook liggen er resten van een byzantijns dorp in de buurt van de hellingen met graven. Er is ook en kerkje te zien. Alles wat in de graven, huizen, grotten lag, hing en te vinden was, ligt er natuurlijk niet meer in, maar dat maakte het niet minder interessant. 
We vonden het een erg mooie, gevarieerde en interessante wandeling. 

Het enige wat die dag verder op ons programma stond, was opnieuw een bezoekje brengen aan de Etna in de donker. Ditmaal hadden we het plan opgevat om naar de plek te rijden waar we enkele dagen voordien, op weg naar de kabelbaan, stil gestaan hadden. Daar wisten we immers van dat de toppen van de Etna die uit aan het barsten waren, goed te zien waren en dat we er veilig konden staan wachten tot Etna zich roerde... en ja, hoor! dat was een goede plek! We hoorden haar goed grommen en rommelen en zagen de lavaspetters goed in het rond vliegen! 


Onderweg naar ons appartement stopten we nog bij een pizzeria om te eten... veel anders is er immers niet te vinden in de dorpjes op de Etna... maar die pizza was zeker niet slecht!

07 december 2023

Dag 4 : Siracusa

Het weer in het noordoosten van Sicilië was niet zo goed als in het zuidoosten. We besloten daarom om op 28 november '23 naar dat zuidoosten van Sicilië te gaan. We kozen het kuststadje Siracusa uit. Dit ligt op een kleine twee uur en 135 km rijden van Santa Teresa di Riva

Het oude stadsgedeelte van Siracusa ligt op het eilandje, Ortigia. We wandelden de route die uitgestippeld stond op het stadsplannetje dat we bij de toeristische dienst kregen. Zoals steeds gingen we, voor aan de stadswandeling te beginnen, een koffietje met gebak eten, om in tussentijd de route te bestuderen. Ortigia is een vrij klein eilandje, maar er zijn verschillende bouwstijlen van kerken, herenhuizen en andere gebouwen terug te vinden en er zijn vele smalle gezellige en ongezellige straatjes en pleintjes. Spijtig genoeg is er ook veel onderkomen in het stadje... maar dat is eigenlijk het geval in heel Sicilië. 


Nadien reden we naar de andere kant van Siracusa, naar de wijk Neapolis om het "Parco Archeologico della Neapolis" te bezoeken. Het eerste gedeelte van ons bezoek bracht ons bij de resten van een oude steengroeve. Dergelijke steengroeves werden gebruikt om het bouwmateriaal van de stad uit te halen. Tijdens een grote aardbeving stortte het "dak" van deze steengroeve in. De meeste stenen van het "dak" werden nog weggevoerde en gebruikt. Hierdoor ontstond er een grote open ruimte. Hier staan nu citrusbomen en werden parkjes aangelegd. De resterende stenen die er nog liggen, werden gebruikt om een wandelpad in aan te leggen en wordt het 'paradijs van de steengroeve' genoemd. In de wanden van de steengroeve zijn nog oude graven en allerlei ruimtes en grotten te zien. De grot waar ooit de touwenmakers werkten, grotta dei cordari, is bijvoorbeeld nog te zien. Maar heel bijzonder is het "orecchio di Dionisio", de oor van Dionysos (foto 2). Deze hoge grot maakt een draai en wordt zowel in de breedte als in de hoogte smaller. Dit maakt dat het geluid er versterkt wordt. 

Nadien kwamen we bij het "Teatro Greco" (foto 3) terecht. Op de bovenverdieping, die als rustplaats voor tijdens voorstellingen gebruikt werd, zagen we de "Grotta del Ninfeo", een fontein verbonden met de Griekse cultus van nimfen, de godheden van de natuur. Spijtig dat de beelden die er vroeger stonden, verhuisd zijn naar een museum. Het oorspronkelijke teatro Greco werd in de 5e eeuw voor Chr. gebouwd. In de 3e eeuw voor Chr. werd het opnieuw gebouwd en in de Romeinse tijd werd het gerenoveerd. Zoals steeds bij Griekse theaters is het tegen een berghelling gebouwd. Enkele weken per twee jaar is dit theater gesloten vanwege theater-, muziek- en dansvoorstellingen. 

Vervolgens passeerden we het gigantische altaar van Hiëro II. Het is bijna 200 op 23 meter groot. De tiran Hiëro II liet het bouwen als eerbetoon aan Zeus. Waarschijnlijk vonden op dit altaar offers plaats waarbij 100 runderen tegelijkertijd werden geofferd aan de godheid. 

Het laatste dat we in het park te zien kregen was een "Teatro Romano", een Romeins theater. We zochten toch even het verschil op: de Romeinse theaters zijn gebaseerd op het oudere Griekse model en vertonen dus veel overeenkomsten. Beide theaters hebben een min of meer halfronde tribune waarvoor een podium staat. Er zijn echter een aantal opvallende verschillen. De Romeinen bouwden echter een kunstmatige constructie, bestaande uit bogen en gewelven waarop de tribunes steunden en gebruikten geen heuvelhellingen. De Romeinen bouwden alle gebouwen en tribunes aan elkaar vast, zodat een afgesloten geheel ontstond. Een ander verschil is nog dat de teatro greco voor Dionysos gebouwd werden en de teatro romano enkel voor vermaak dienden. De artiesten van een Grieks theater genoten aanzien, terwijl die van een Romeins amfitheater waren slaven en genoten geen aanzien. 

Alvorens "naar huis" te rijden vanuit Siracusa reden we naar de Etna. We wilden haar zien uitbarsten. En dat gaat het gemakkelijkste als het donker is. We wisten waar de uitbarsting van de vulkaan goed te zien was, maar we wisten daarvoor niet de beste plaatsjes om die te fotograferen. Ook was de Etna niet continu aan het uitbarsten waardoor we in het donker die plekjes ook niet vonden. Eigenlijk waren we al op de terugweg naar de snelweg toen we opeens een oranje gloed zagen: de Etna was aan het uitbarsten! We stopten op een veilig plekje langs de weg om te kijken. We stonden eigenlijk al veel te ver van de Etna af om mooie foto's te maken, maar wilden de herinnering toch vastleggen.

06 december 2023

Etna (3/10)

We hadden de weersvoorspellingen goed bestudeerd om zeker een heldere, zonnige dag uit te kiezen om naar de Etna te gaan… niet voor de temperatuur maar voor het zicht/uitzicht... en met op maandag 27/11/'23 te gaan, hadden goed gekozen!

Al heel vroeg op de ochtend vertrokken we. We reden de kortste route vanuit ons appartement in Santa Teresa di Riva richting Rifugio Sapienza (Nicolosi). Deze locatie met een hotel/herberg en andere toeristische zaken ligt op een hoogte van zo’n 1900 meter op Etna Zuid. Van daaruit ligt een kabelbaan naar 2500 meter hoogte. Via enkele dorpjes en nadien haarspeldbochten kregen we de top die aan het uitbarsten was steeds beter in het oog. De rest van de Etna was, via die route, verstopt achter door de herfst gekleurde bomen. We stopten bij een kruising waar we een erg mooi zicht hadden op de uitbarsting (foto 1). Op het moment dat we wilden verderrijden, ging de Etna zelfs even rondjes uitblazen (foto 2).



Wat we bij het gaan parkeren niet gezien hadden, was dat de weg naar "Sapienza", zoals we die locatie verder noemen, op dat punt afgesloten werd... Het zal er te gevaarlijk rijden zijn waarschijnlijk met de assen en spatten van Etna aan die kant van de vulkaan. Echte lavastromen braakte Etna op dat moment niet uit.

We reden daarom terug en namen een andere route naar Sapienza. Dit betekende dat we later aan de kabelbaan zouden zijn dan we eigenlijk gewild hadden, maar ja.

Via die andere route naar Sapienza kregen we de zijde met de uitbarsting niet meer te zien. Vanuit deze route kregen we veel lavabrokken en -velden te zien en reden we de besneeuwde kant van de Etna op. In plaats van om half 9 kwamen we, door de routewijziging, om half 10 in Sapienza aan.

 Op de foto's, met de fel blauwe hemel, is het niet te zien, maar de temperatuur was flink gezakt: waar we foto's maakten was het nog 8°C. In Sapienza was het nog maar 4°C en stond een flinke wind. Zelfs Johan deed een extra fleece aan alvorens onze tocht te starten. Ine droeg al twee truitjes, een longsleeves, een onderhempje en een thermische legging, maar deed nog een extra trui en handschoenen aan.

We hadden al gezien dat de kabelbaan niet in werking was. Toch gingen we informeren. In plaats van de kabelbaan reden 4x4-bussen naar het eindstation van de kabelbaan! Eigenlijk vonden we dat zelfs beter!

We namen meteen de eerste bus die vertrok naar boven. Onderweg zagen we nog enkele plekken waar we, later op de dag, heen wilden wandelen. Maar op dat moment stond ons doel vast: zo dicht mogelijk bij de uitbarsting geraken.

In de reisgidsen stond dat je, vanaf het eindstation van de kabelbaan, niet zonder gids verder mocht. Dit stond echter in Sapienza en daarboven nergens aangegeven. Sterker nog er stond een wandelroute aangegeven en men was deze wandelweg sneeuwvrij aan het maken... dus startten we aan onze tocht, verschillende anderen achterna (foto 3).



Al snel werd duidelijk dat het wandelpad volledig ondergesneeuwd was. Op plaatsen moest je door een dik pak verse sneeuw. Op andere plekken op het pad moest je over ongelijke, omgewoelde, bevroren stroken sneeuw. We wandelden zo enkele heuvels op en weer naar beneden, dan weer met ijzige tegenwind, dan met zijwind. We hielden ons aan het wandelpad door tussen de hoge metalen paaltjes te blijven.

Ondertussen hoorden we de Etna verschillende keren grommelen en daarbij kwamen steeds donkergrijze rook vrij. Lava en -spetters zagen we vanop het wandelpad niet, al wisten we dat die er, steeds bij zo'n grijze wolk, wel ergens uitgebraakt werden.

Onderweg zagen we enkele oude kraters van de Etna, de kust en verschillende besneeuwde toppen. We stapten maar door "omdat we toch al zo ver geraakt waren"... maar het werd steeds zwaarder, kouder, steiler en ook gladder. De wind bevroor omgewoelde sneeuw meteen. Dit maakte dat het steeds gladder werd. Johan slaagde er in om toch (bijna) steeds diep genoeg door het ijs te zakken om grip te krijgen en overeind te blijven. Bij Ine ging dat zo gemakkelijk niet. Gelukkig dat er geen afgronden waren, want Ine gleed op een gegeven moment uit, rolde, draaide en gleed aan een snelvaart tientallen meters de gladde berg af... dat was even serieus schrikken! Nadien stapte ze toch nog verder maar dan steeds door haar voet 'vast te zetten' door die in de sneeuw/ijs te stampen: heel vermoeiend en erg traag. Johan was al een tijdje een volgende heuvel over toen die Ine liet weten dat het ijziger en ijziger werd. Ine wierp nog even een blik over de heuvel en draaide toen ook om.
Het zal niet zo héél koud geweest zijn tijdens onze wandeling, maar de wind bepaalde vooral de gevoelstemperatuur... dan waren we héél tevreden met onze warme uitrustingen!
De terugtocht was al even zwaar als de heentocht. Er begonnen ook wolken van onderaan de Etna omhoog te drijven.

Uiteindelijk waren we vier uur onderweg geweest en hadden we zo'n acht kilometer gewandeld. Doordat er wolken hingen, wandelden we de andere wandelpaden en uitkijkpunten niet meer. Dat zal voor een volgende keer zijn.

Na een tussendoortje reden we de Etna weer naar beneden. Tegen dat we op de snelweg waren, was het alweer donker. We kwamen in een file terecht, waardoor we een uur extra onderweg waren naar ons appartementje.